Urban Ghana

You now have Techiman in your room!

March 4, 2008 · Leave a Comment

Hoe langer ik in Techiman rondloop en de stad proef/ruik/voel/zie/ervaar/beleef/vat, des te meer raak ik overtuigd dat Techiman een goed keuze is.

Drie dagen na mijn definitieve aankomst in Techiman, heb ik het hotelleven achter mij gelaten en ben ik verhuisd naar de wijk Ahenfie (letterlijk vertaald betekent dit de tuin van de chief). Ik huur een kamer met proto-badkamer en ben de trotse huurder van een niet-functionerend toilet naar Europees model… Het huis is de gedeeltelijke realisatie van een ambitieuze maar steeds wijzigende architecturale droom. De eigenares woont in Den Haag. Ze is de zus van Subchief Nana Adwamu Hene. Haar steeds wisselende wensen en verwachtingen t.a.v. haar droomwoning kosten meer dan ze voorlopig kan betalen. Om haar ambitieuze droom te realiseren (ze wil drie badkamers mét bubbelbaden) en bijhorende status te behouden, verhuurt ze delen van haar bouwwerf aan familie en nu ook mij. Mij komt het goed uit. Ik heb wat ik nodig heb, alleen het beloofde stromend water laat nog op zich wachten. Ik betrek één kamer in een huis, voorlopig de enige afgewerkte kamer in het huis. De rest van de familie woont in het achterhuis. Dagelijks presenteert Naomi mij fufou met aardnotensoep. Ik heb het leren appreciëren, alleen het bijhorende soepvlees smaakt maar matig. Ik vraag me enkel af wanneer ik het beu zal zijn dagelijks hetzelfde een variatie van dezelfde ingrediënten te eten. Maar ik heb geen reden tot klagen. Ik ben goed omringd, heb de nodige privacy en kan hier goed werken.

Enkel het voortdurende geschreeuw van de kinderen irriteert me soms. Kinderen hebben hier blijkbaar de onbedwingbare Pavlov-reflex om telkens ze een blanke zien in koor ‘Broonini, how are you?’ te schreeuwen of ‘Brooni cocou maatché’ te zingen op een toon die ondertussen ongeloofelijk zagerig klinkt. Waag het vooral niet om te antwoorden of ze komen in horden op je afgestormd en volgen je de rest van de weg. Sympathiek voor even, irritant na een tijdje. Ondertussen heb ik geleerd het te negeren. Ik ben immers ouder en hoef niet te reageren op de kinderen. Enkel in de buurt waar ik woon wuif ik nu en dan eens vriendelijk. Ouderen begroet ik uiteraard wel. Dankzij de taallessen lukt dat al aardig in het Twi, de belangrijkste lokale taal. Om de twee dagen krijg ik twee uur intensief Twi taalles. Ik hoop zo snel mogelijk het ‘pardon-wablieft-kan u eens herhalen?’-niveau te overstijgen. Nu en dan slaag ik erin om de mensen met enkele standaard zinnen uit te leggen waarom ik in Techiman ben en dat is voorlopig voldoende om het ijs te breken en de conversatie voor te zetten in het Engels. Ik wil echter zo snel mogelijk alles in het Twi kunnen, al zal dat nog wel een aantal maanden duren.

In de tijd tussen de verkenningstochten, taallessen en gesprekken werk ik aan een kaart van Techiman. De Town Planing Officer heeft me in ruil voor een pak Belgische chocolade een blauwdruk van het grondplan van Techiman bezorgd die nu mijn kamermuur opfleurt. Of zoals Mark het zei: “You now have Techiman in your room!”. Zoals iedere Westerse geest, probeer ik de stad in eerste instantie van bovenuit te vatten door ze in kaart te brengen. Deze visie van bovenuit botst wel met de manier waarop vele inwoners van Techiman en andere Afrikaanse gebieden in de wereld staan. Ze staan er middenin en bekijken het niet van bovenuit maar van tussen-in. Een kaart is een handig middel om het geheel snel te vatten, maar als antropoloog is het slechts een eerste aanzet, een instrument om de stad te begrijpen. Daarvoor zal ik vanuit de ivoren toren moeten afdalen en de stad van tussen-in benaderen.

kaart techiman

Na vele lange wandelingen door de stad en ditto gesprekken met inwoners, ouderen, en chiefs acht ik mezelf in staat om een eerste –zij het voorlopige- balans op te maken. Tijdens een dood moment in de Lovers Spot, een pito-bar, stelde ik een lijstje op van alle interessante, boeiende of in het oogspringende plaatsen in de Techiman: Heilige bron van de rivier, het koninklijk paleis, het gebouw van de populairste radiozender, plaats waar Fullani-herders hun vee laten drinken, broeirige bars, de markt, een Malinees tankstation, relikwieën, vereringsplaatsen, etc. De bollen op de kaart verwijzen naar deze plaasten. Omdat vele van deze plaatsen in of rond de rivier blijken te liggen, lijkt de rivier een goede rode draad/lijn te vormen. De rivier is niet enkel het historisch en mytholisch midden van Techiman en de Bono cultuur. Als metafoor voor een stad, heeft de rivier iets te vertellen. Maar ondanks het symbolische belang van de rivier, is ze sterk vervuild en wordt ze gebruik als een openbaar toilet. De gebouwde stad heeft haar rug gekeerd naar de rivier. Ze ligt letterlijk en figuurlijk in de schaduw van de stad (en de wereld). Die tegenstrijdigheden en haar lichtjes marginale karakter als plaats tussen-in motiveren mij des te meer om de rivier als (voorlopig) uitgangspunt te nemen. Het is misschien niet de meest evidente plaats, maar de rivier biedt op het eerste zicht wel boeiende perspectieven en kan veel vertellen over hoe Techiman in verbinding staat met de (boven- en onder-)wereld. Ik moet nu eenmaal ergens het onderzoek opstarten…

Mijn initiële idee om te werken rond de leef en wooncultuur van de semi-nomadische groothandelaars, hou ik voorlopig ik in mijn achterhoofd. Als de rivier een goed uitgangspunt is, komt dit idee wel weer ergens bovendrijven.

Categories: Zonder categorie

0 responses so far ↓

  • There are no comments yet...Kick things off by filling out the form below.

Leave a Comment