Urban Ghana

God, Ghana en Voetbal

January 21, 2008 · 4 Comments

Elk vertrek begint met het afscheid, in mijn geval was dat het beste denkbare afscheid. Al had ik het mij vooraf nooit zo kunnen inbeelden. Dus daarom, nogmaals, aan iedereen die mij een maand lang belogen heeft: merci voor wat langzaam maar zeker meer en meer op een gepland feest begon te lijken! Nodig was het niet, deugd deed het des te meer. Voor wie mijn mail niet gekregen heeft, hier spreekt Brusselleir van dienst Jacques Brel nogmaals: “Je veux qu’on rit! Je veut qu’on danse! Je veut qu’on s’amuse comme des fous.” Zelden heb ik zo genoten.

Na het best mogelijke vertrek, kon ik niet anders dan goed aankomen. Maandagnacht ben ik met een dik uur vertraging geland in Accra, de hoofdstad van Ghana . Mijn bagage had twee uur vertraging, maar ze was er. Mentaal had ik mij voorbereid op een worst case scenario : vlucht afgelast, bagage kwijt, visum geweigerd en geen betrouwbare taxichauffeur die me opwacht. Dit alles was gelukkig compleet onterecht. In geen tijd was ik door de douane. Buiten stond Robert, de taxichauffeur, me geduldig op te wachten met een bordje dat frederique zei. Nog geen uur later lag ik te slapen in Auntie’s huis te Kokomlemle. Auntie is een gerespecteerde oude dame die al jaren onderzoekers en studenten huisvest. Ze woont in een middenklassebuurt aan de buitenkant van de kleine ring rond het centrum van Accra. Het is vlak bij de Nukrumah Traffic Circle, een belangrijk transportknooppunt (foto’s volgen nog).

De eerste twee dagen heb ik doorgebracht met Carin, een Nederlandse master studente culturele antropologie aan de universiteit van Amsterdam. We hebben Accra wat verkend en enkele documentatiecentra bezocht. Accra lijkt op het eerste zicht een propere en goed georganiseerde stad. Blijkbaar zijn niet alle West Afrikaanse grootsteden zo chaotisch en vuil als Dakar. We hadden snel door hoe het stadscentrum gestructureerd is en hoe het openbaar vervoer functioneert. Bovendien zijn de Ghanezen heel behulpzaam en vriendelijk. Je hoeft zelfs bijna niet te pingelen als je iets koopt op straat. Enkel met de warmte en de vochtigheid had ik de eerste dagen wat moeite (vandaar de gigantische koortsblaas op mijn lippen). Ondertussen heb ik mijn ritme aangepast aan het tropische klimaat. Mijn gemiddelde dag begint rond 5u ‘s morgens. Het is heerlijk koel op dat uur. Ik verschiet telkens hoeveel je op een dag kan doen als je zo vroeg opstaat. Gevolg is wel dat ik tegen acht, negen uur ‘s avonds terug in bed lig. Na een dag rondlopen in de straten van Accra ben ik doorgaans helemaal uitgeput.

Drie dingen beheersen het straatbeeld: de Ghanese Driekleur, Jezus Christus en Voetbal (Alledrie verplicht met een hoofdletter te schrijven). Ghana viert dit jaar zijn vijftigste verjaardag en het hoogtepunt van dit nationale feest is ‘The African Cup of Nations’. Op zowat elke straathoek en in zowat elke auto hangen één of meerdere verwijzingen naar God, Ghana en Voetbal. Letterlijk overal kan je posters over Jezus, Bijbels, en Ghanese vlaggen, armbanden, pruiken, T-shirts, schoenveters, en dergelijke items kopen. Gisterenavond versloegen de Ghanese Black Starts de Guinese Leeuwen met 2-1. Na het laatste fluitsignaal ging iedereen uit zijn dak: dansende mensen liepen spontaan de straat op, chauffeurs duwden even spontaan hun gaspedaal wat dieper in… Ik hoop dat er niemand gewond raakte na wat The Daily Graphic als een Dream start bestempelde op haar voorpagina: “Sometimes one is temped to believe that God is a Ghanaian, particulary for the way the Black Stars got their MTN Africa Cup of Nations campaign to a flying start with a late match winner by Sulley Muntari, the most celebrated hero of yesterday’s 2-1 victory by the Stars.

De Afrika Cup is mooi meegenomen, maar daarvoor ben ik hier niet. Toen Carin me voor de derde keer in twee dagen tijd een Westerse supermarkt binnenlokte op zoek naar de juiste shampoo, had ik er genoeg van. Donderdagochtend ben ik naar Aflao vertrokken, een kleine stad aan de grens met Togo. Eigenlijk wou ik vooral zo snel mogelijk aan mijn echte werk beginnen: het onderzoeken van het leven in kleine steden. Maar meer daarover in het volgende verslag.
‘t beste,

free

Ps: Tot slot zou ik graag de tisje bedanken voor alle onverwachte, maar desalniettemin hilarische/genante extra bagage in mijn valies. Telkens opnieuw krijg ik er z’n veilig gevoel van…


Categories: accra
Tagged: , , ,

4 responses so far ↓

  • Pieter Tierens // January 21, 2008 at 6:08 pm | Reply

    hey,
    ik ben blijkbaar de eerste die hier een commentje achterlaat.
    Fijn dat je zo hebt genoten van je afscheidsfeest en wij hebben ons dan ook met alle plezier ontfermd over kleine Jona zodat zijn ouders hun konden gaan amuseren
    Frederique ik wens u en uw onderzoek nogmaals het allerbeste daar in Ghana
    groetjes Pieter

  • Keye // January 22, 2008 at 2:20 pm | Reply

    Tisj!

    Dobbel geire gedaan: Het feestje en de verrassinkjes ;-) Amuseert u daar zo hard als ge kunt ma zonder één of andere lokale vieze ziekte op te doen …

    Ciao en de ballen

  • steph // January 22, 2008 at 8:16 pm | Reply

    Overweldigend die verhalen van je! Laat je zintuigen maar overuren draaien, en zo sijpelt dat ook wat door tot in dit belgenlandje…hunker hunker

    take good care

    grtz

    steph

  • Guido Minne // January 29, 2008 at 9:28 am | Reply

    Free,

    Fatastisch je verhalen zo te kunnen lezen en heel boeiend voor mij. Ik ben zelf volop bezig met mijn verwerkingsverslag Afrika voor mijn schooltje. Vraag eens aan onze zwatre broeders hoe zij denken over ontwikkeling(en) in Afrika. We moeten daar een paper over maken. Free, stel het goed, geniet tenvolle en zuig je vol als een spons met boeiende ervaringen. Liefs Guido

Leave a Comment